Computers bedenken een geheimtaal – en niemand weet hoe

Tijdens één van de MT-sessies waar ik ergens in oktober 2018 in zat kwamen  innovatie en technologie langs. Daarin werd ook het onderwerp van kunstmatige intelligentie aangestipt. Een onderwerp wat momenteel heel erg mijn aandacht heeft. Overigens is dat niet nieuw. Technologie spreekt me al mijn hele leven aan. In deze post gewoon wat dingen die bij me opkomen, die me bezighouden en fascineren. Aan het einde dat dit artikel zal ik waarschijnlijk tot de conclusie komen dat het een mengelmoes aan verschillende dingen is geworden. Hopelijk wel leesbaar… Ik kan er momenteel niet meer van maken, haha!

Vroegah!

Als jongen van een jaar of 9 (denk ik) raakte ik mijn eerste computer aan. Een commodore 64 die we kochten van een (volgens mij Belgische) collega van pap. Het coole tekenprogramma dat op één van de 50 diskettes stond heb ik per ongeluk eens gewist. Dat was echt shit. Op de zondagmorgen liet ik de cassettes afspelen totdat de computer een spel vond. Magisch. In de pauze van de basisschool een voetbalspel spelen, de joystick helemaal gammel maken met het spelen van California Games, Test Drive (zelf schakelen en intussen gas geven) of het spel van de olympische spelen wat ik altijd met Aniek speelde. De Commodore werd een paar jaar laten opgevolgd door een Pentium 60. Whoehoe! Windows 95 draaide erop, wat een prachtsysteem! Ik was Windows 3.11 gewend bij beste vriend en buurjongen Koen op de 386 en volgens mij later ook de 486. Hoe de echte techniek werkte weet ik niet helemaal – al kan ik wel een computer uit elkaar draaien en aansluiten. Hoe dan ook, ik ben altijd gefascineerd geweest door wat computers kunnen. De ontwikkeling is ongekend en computers zijn inmiddels veel meer dan alleen een stuk techniek. Niet alleen de hardware heeft zo ontzettend veel progressie gemaakt, wat te denken van de software! Tijdens mijn eerste stage op het HBO ergens tussen 2001 en 2003 werd me op dag één verteld om een intranet in PHP te programmeren. PH-WAT?

De tijd zal het (je) leren, want tot een aantal jaren geleden bouwde ik regelmatig websites in PHP met een volledig eigen gemaakt contentmanagementsysteem. Maar dat doe ik tegenwoordig niet meer. De software die tegenwoordig gratis beschikbaar is, is zo ontzettend goed en bruikbaar dat ik wel gek zou zijn om zelf iets in elkaar te prutsen. Voor deze site gebruik ik bijvoorbeeld WordPress – open source en een genot om mee te werken. Je kunt er zoveel mee! Zoveel meer dan ik zelf kan bouwen. Ik verbaas me er nog steeds over hoe een brower alle functionaliteiten (en meer) aankan die vroeger gewoon in het OS draaiden. Maar intussen vraag ik me ook af waar al deze artikelen die ik tik nu écht worden opgeslagen. Alleen in de MySQL-database die draait op mijn gehuurde server, waarvoor ik jaarlijks betaal? Misschien wel, maar misschien ook niet.

Met veel interesse heb ik jaren geleden de biografie van Steve Jobs gelezen. Wat een prachtfiguur. Niet alleen de techniek en software, maar ook hoe je met een visie en ambitie ergens helemaal voor kunt gaan. Natuurlijk vind ik het ook ongelofelijk hoe technologie ons dagelijkse leven heeft veranderd. Tikte ik 10 jaar geleden nog met t9 blind sms’jes naar mijn vrienden op de Nokia of de uitklapbare Samsung, tegenwoordig is alles softwarematig te doen via touchscreens. En let wel, ik baalde toch wel stiekem dat ik geen t9 meer kon gebruiken toen ik mijn eerste iPhone voor een prikkie van mijn oom had overgenomen. Zo snel als met t9 zal ik denk ik nooit meer appjes versturen. Al besef ik me bij het tikken van dit artikel ook direct dat in de toekomst die in het verschiet ligt, acties worden uitgevoerd op basis wat ik denk. Daar denk ik trouwens ook regelmatig over na. Zo ben ik op het werk verantwoordelijk voor een flink aantal diensten. Dat doen we voor 99% met informatiesystemen die zijn ontwikkeld en telkens releasematig worden uitgebreid of verbeterd. Ik ben er heilig van overtuigd dat informatiesystemen in de toekomst worden ontwikkeld door te bedenken hoe ze moeten werken. Of ze zorgen zelf dat ze zich ontwikkelen…

Elon Musk over AI en de ontwikkeling: “It could be great. Or it could be terrible. One thing is for sure: we will not control it.”

Waar gaat het heen?

Een vraag die ik mezelf al heel snel stelde toen ik – ietwat onderuitgezakt – zat te luisteren naar de spreker tijdens de MT-sessie. De ontwikkeling van artificial intelligence gaat zo ontzettend snel… computers die slimmer en slimmer worden. Waar gaat dat uitkomen? Zeker gezien de situatie van onze wereldorde op dit moment. Die we naar mijn idee niet echt hebben en zijn. Een groot en urgent probleem als de opwarming van de aarde krijgen we niet eens écht fatsoenlijk, maar bovenal gezamenlijk en serieus op de agenda. Toen ik in november 2016 samen met Rob een wandeling maakte op de Svínafellsjökull-gletsjer in IJsland, vertelde de gids ons dat de afgelopen 10 jaar de gletsjer 15 meter lager was geworden door de opwarming van de aarde. De ijskappen op de polen minderen zo ontzettend snel. Trump trekt zich terug, vindt het allemaal maar bullshit. Geld verdienen staat nog steeds voor veel mensen, bedrijven en zo lijkt het soms ook regeringen, op één. De kledingindustrie staat op plek 2 van meest vervuilende industrie op mondiaal niveau. Kleding is voor ons een consumptiegoed geworden. Ondertussen worden in landen als Bangladesh en China miljoenen liters schoon water gebruikt voor de katoenproductie. En niet alleen gebruikt, ook verontreinigd. Een rivier die de mensen daar als levensader gebruiken doet er niet meer toe. In de sessie koppelde ik de executiekracht en eensgezindheid die we momenteel als wereld (in mijn ogen niet) hebben, direct aan de vraag hoe we het dan in godsnaam met elkaar gaan cheffen om de rise of the machines tot iets moois te brengen. Steven Hawking riep niet voor niks – en ja misschien was hij wel heel erg pessimistisch – dat we slechts één kans hebben om het in één keer goed te doen. Het is anders dan toen de mens uitvond hoe hij vuur moest maken. Vele ongecontroleerde branden waren nodig om tot iets als een brandblusser te komen. Anyway, sindsdien ben ik zo nu en dan bezig met me te verdiepen in de wereld van AI. En alles wat ik daar aan koppel. Zo was er in november een echt coole documentaire over AI op tv, waarin een aantal topwetenschappers aan het woord waren. Het boek van Stephen Hawking dat ik net heb uitgelezen, staat ook boordevol interessante zaken over AI.

Hier een interessante documentaire die je inzicht geeft waar AI momenteel staat, wat het kan en in de toekomst kan.

https://youtu.be/xhkG4VqyUUA

AI is trouwens een behoorlijk breed wetenschappelijk aandachtsgebied. Het kijkt naar computerwetenschap, maar ook naar psychologie, filosofie, taalkunde en overige gebieden. De computerwetenschappelijke kant houdt zich bezig met het leren van vaardigheden aan computers, waarvoor normaal gesproken menselijke intelligentie is vereist. Dat gaat veel verder dan programmeerstatements in de zin van ‘als dit dan dit, en als dat dan dat’… De kunstmatige intelligentie van de afgelopen jaren gaat veel verder en ontwikkelt zich in een super rap tempo, waarbij we volgens de wetenschappers aan het begin staan van een nieuwe industriële revolutie. Eentje die ongekende voordelen met zich meebrengt. Ons verder brengt in de wetenschap, helpt bij het begrijpen van natuurkundige wetten, ons misschien wel helpt bij het koloniseren van een andere planeet. Eentje die wereldproblemen die we kennen – ik heb er hierboven een paar genoemd – oplost, ziektes tot de oorzaak weet vast te pakken en een remedie verzint en misschien ook wel maakt. Maar ook een tijdperk wat heel anders kan aflopen. Robots die dusdanig intelligenter zijn dan de mensen, waarbij de mens niet meer bovenaan de voedselketen staat. En die robots zijn niet zo maar een beetje intelligenter, maar kennen een IQ dat niet vast staat, maar exponentieel stijgt. Misschien wel tot een punt dat we als mensen – inclusief de nieuwe Einsteins onder onder – gewoonweg niet meer begrijpen wat er gebeurt. Een tijd waarin de mens onderdanig gaat zijn, of waarin de mens wordt uitgeroeid of misschien de aarde verdwijnt. Overigens zijn topwetenschappers op dit moment tot op het bot verdeeld  over de vraag of computers ooit slimmer zullen zijn dan mensen.

Narrow AI, machine learning, neurale netwerken en al die stuff

Je hebt zoiets als weak artificial intelligence (weak AI) – ook wel narrow AI genoemd. Het is AI dat is gefocust op één taak. De meeste toepassingen momenteel claimen dat ze ‘AI zijn’, zijn voorbeelden van narrow AI en worden toegepast op een narrow gedefinieerd, specifiek probleem of taak. Voorbeelden hiervan zijn Siri, IBM’s Watson computer (een computer die antwoorden geeft), de gezichtsherkenningssoftware die Facebook toepast, AI die spellen speelt zoals schaken en soms wat moeilijkere spellen, de daily mixes die Spotify voor je genereert, Amazon die je persoonlijk producten aanbiedt op basis van jouw big data. De AI leert zichzelf hoe het de taak moet uitvoeren. Maar hoe is dat überhaupt mogelijk? Het antwoord is: door machine learning. Dit is de wetenschap dat computers denken en leren als wij mensen dat doen. Je kunt het vergelijken met hoe we als baby dingen leren en naarmate we ouder worden, steeds meer en meer leren. We worden gewoonweg intelligenter. Door dingen te doen, een fout te maken, opnieuw te proberen. Na te denken over wat we hebben gedaan. Te evalueren. En hierbij gebruik je gegevens en informatie om dit voor elkaar te krijgen. Helder toch? De populairste techniek om een computer te laten acteren als een menselijk brein is via – wat heet – neurale netwerken. Uiteraard kunstmatige neurale netwerken. In het Engels rtificial Neural Networks (ANN).

Artificial neural networks (ANNs) or connectionist systems are computing systems vaguely inspired by the biological neural networks that constitute animal brains. Such systems “learn” to perform tasks by considering examples, generally without being programmed with any task-specific rules.

Naast Siri en de voorbeelden die ik hierboven eerder noemde, is ook een goed voorbeeld van een spraakmakende AI-toepassen de AlphaGo – het door Google ontwikkelde programma dat de wereldkampioen in het bordspel Go heeft verslagen. Hierover later meer, want dit is ongelofelijk! ANN is gebaseerd op de werking van neuronen in het menselijke brein. Neuronen zijn de fundamentele cellen van het zenuwstelsel. Deze zenuwcellen zorgen voor het ontvangen en verzenden van zenuwprikkels en vormen samen lange vezels. Ze liggen in een gigantisch netwerk. Een neuron geeft alleen een signaal door als de inkomende signalen vanuit andere neuronen sterk genoeg zijn. Dit principe (‘afvuren’ als een drempel is overschreden) is gemodelleerd binnen ANN’s. En wat betekent dit dan? Dat op een kunstmatige manier wordt nagebouwd wat een menselijk brein normaal doet:  het interpreteren van de context van real-life situaties om dingen te leren en keuzes te maken.

Drie Google computers in 2016

Een artikel dat ik afgelopen jaar meerdere malen heb gelezen gaat over computers die met elkaar praten. Niks bijzonders toch, want dat doen computers al sinds dat ze aan elkaar zijn gekoppeld via een netwerkkabeltje of via het internet. Onderzoekers van Google Brain zijn er in 2016 in geslaagd om twee AI-systemen met elkaar te laten praten in een zelf gecodeerde taal. De paper van het experiment is gepubliceerd op de wetenschappelijke site ArXiv en kun je hier doorlezen. De onderzoekers Abadi en Andersen van Google Brain slaagden er in om de computers met elkaar een geheimtaal te laten bedenken zonder menselijke tussenkomst. Een derde AI-computer moet proberen om de code te kraken. En slaagde daar niet in. Overigens: geen reden tot paniek so far, want de taal is redelijk makkelijk voor een mens te kraken. Het team werkte met drie AI’s die Eve, Bob en Alice worden genoemd. Elke AI krijgt een duidelijke taak: Alice moest een geheime boodschap versturen naar Bob, Bob moest die boodschap decoderen, en Eve moest de twee proberen af te luisteren. Alice en Bob kregen vooraf overeengekomen sleutel voor de code, waartoe Eve geen toegang had. In eerste instantie slaagde Eve erin om de geheime boodschappen te ontcijferen. Alleen na verloop van tijd werd de sleutel complexer gemaakt door Alice, waardoor Bob uiteindelijk de boodschap wel nog kon begrijpen, maar Eve niet meer. Het onderzoek toont aan dat AI in de toekomst in staat is om zelf versleutelingen te bedenken. Kleine voetnoot: het type AI’s waarmee is gewerkt zijn niet goed in het ontcijferen ervan. Dat is een opsteker.

Hier een korte docu waarin AI toch wel iets minder positief in het daglicht wordt gezet.

Freakshow: AlphaGO Zero

First thing first. AlphaGO: een Google creatie van een narrow AI systeem dat het bordspel GO speelt. AlphaGO verslaat met 4-1 de wereldkampioen GO Lee Sedol. Niet zo bijzonder? Zeker wel, want GO is different cook – om in termen van onze Louis te blijven. Het spel kan namelijk niet gewonnen worden door brute kracht. Go kan niet voorspeld worden. Er zijn 10 tot de macht 170 verschillende moves mogelijk in het spel. Het systeempje van Google is getraind met data van GO-spellen die door mensen zijn gespeeld. Het virtuele ding heeft miljoen games gezien om te leren. In de zin van: in deze positie speelt de menselijke expert deze actie en in een andere positie speelt de menselijke expert een andere actie. Naast het feit dat onze menselijke wereldkampioen werd verslagen, speelde de computer ook nieuwe technieken die nog nooit eerder waren gespeeld. Dit alleen al was erg indrukwekkend. Een jaar na AlphaGO heeft Google een compleet nieuwe AI gemaakt met de naam AlphaGO Zero. Deze versie leerde het spel spelen zonder menselijke interactie en voorbeelden. Het speelde puur en alleen tegen zichzelf. Allereerst als totaal groentje uiteraard, maar daarna beter wordend en beter wordend. De nieuwe AI had dus elk spel weer een gelijkwaardige tegenstander, namelijk zichzelf. Na 3 dagen werd de oude versie AlphaGO verslagen. Na 40 dagen heeft de nieuwe Zero-versie de oorspronkelijke versie verslagen met 100 tegen 0 op rij. De vraag rijst waarom AlphaGO Zero zo goed is… nou… heel eenvoudig. Het werd niet begrens door het menselijke kunnen. Als je dit bekijkt dan is er dus nu meer niet-menselijke kennis van het spelletje Go dan dat er menselijke kennis is. Voor de diehards is meer te lezen en luisteren in dit artikel.

En toen…

En toen even niks. AI is momenteel zo hot in de wereld dat er veel op dit vlak gebeurd. En dan doel ik niet op de verdere ontwikkeling van de computers, maar ook op hoe we dit met elkaar gaan handelen. Regels afspreken. Begrenzingen bedenken. Kill switches bedenken die machines met één simpele handeling omleggen. Als die al ooit zullen werken, want het lijkt toch aannemelijk dat een superintelligent systeem een knopje kan bedienen. Laat voorop staan dat ik in mijn leven tot nu toe veel plezier heb beleefd aan de ontwikkeling van technologie en computers. Een pc kan ik werkelijk niet meer wegdenken. Internet is mijn speeltje. Ik kan niet meer zonder mijn iPhone, kijk graag Netflix  met de persoonlijke aanbevelingen die ik krijg. Ik luister graag naar Spotify en hoe leuk is het om dan een playlist aangeboden te krijgen van nummers die je nog niet kent, maar je hoogstwaarschijnlijk wel leuk vindt. Dat is toch cool! Desalniettemin is het goed om ook te volgen wat de echte knappe koppen bedenken op dit kunstmatige gebied. En hoe ver de ontwikkeling is. Of narrow AI een nieuwe doorbraak kent en het steeds meer de kant van superintelligent AI op gaat. Stichting Wakker Dier heeft het toch ook maar mooi voor elkaar gekregen dat de plofkip niet meer in de supermarkt ligt…!

Dit vind je misschien ook leuk...

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.