DIY: een zadeldak schuur

We wonen sinds augustus vorig jaar in ons nieuwe huis en missen buiten een schuur. We hebben wel een kleintje, maar daar past weinig in. En je stoot je hoofd want dat ding is laag. Dus gaan we op een blauwe zaterdag eens wat toeren en zien een mooie zadeldakschuur bij een bedrijfje in Nederweert. De man verkoopt ze maar vertelt ook dat hij er elke week via veilingsites verkoopt. We hebben geen haast en oriënteren ons eens wat er allemaal op staat. Omdat we een grote tuin hebben mag de schuur best een goede afmeting hebben. We zien er eentje online van 12,5 met lang hij ongeveer 4 meter breed. Die willen we hebben! Met wat doorzettingsvermogen winnen we de kavel. 

In deze blog neem ik je mee hoe je zo’n schuur met je handen maakt – met hier en daar een aanhanger, een slagschroevendraaier en boormachine. En veel ritjes naar houthandels en bouwmarkten niet te vergeten. Plus: wat zo’n schuur kost. 

Stap 1: uitzetten en de poeren

Als eerste de betonpoeren. Dit zijn gegoten blokken beton van 15×15 en 60cm hoog. Hier komen de houten palen op te staan door middel van een stelplaat. Die heb je in gegalvaniseerd staal en rvs. Nu neig ik naar rvs, maar nadat twee mannen me hebben gezegd dat staal sterker is dan rvs, heb ik toch voor staal gekozen. Het was trouwens wel een ritje naar Brabant waard, want daar verkoopt iemand ze voor 16 euro per stuk. 

Het is enorm belangrijk dat je precies weet waar de poeren moeten komen. En dan begin je. Handigste is dat je als eerste een touw spant en dan op elke plek waar een paal komt te staan een klein piketje de grond in slaat. Goed meten, dan gaten uitgraven en de poer erin. Zorg dat je graaft tot aan het gele zand en vul eventueel met geel zand op om de goede hoogte te krijgen.

De eerste poer wordt het referentiekader dus zorgt dat die de goede hoogte heeft – ook ten opzichte van het maaiveld. En gebruik meer dan eens de waterpas. Ik heb de eerste gezet en daarna de volgende op de goede afstand gezet, de hoogte bekeken met een laser en tenslotte de poeren precies waterpas gezet. En dan door naar nummer drie. Wat nog handig is, is om een mal te maken van een of twee houten latten om de exacte maat tussen de poeren te krijgen. 

Ik heb in totaal 10 poeren gezet. Begonnen op een enorm regenachtige zondagmiddag en tot aan de eerste vijf gekomen. Die stonden uiteindelijk goed en vastgezet in een zak snelbeton. Check gedurende het uitharden ook geregeld of de boel nog waterpas staat! Een week later was het tijd voor de buitenste twee poeren aan de andere kant. Dan is het belangrijk om ook de diagonale afstanden tussen de buitenste poeren te checken, want die moeten beide hetzelfde zijn! Anders heb je namelijk geen rechthoekige schuur. De week erop heb ik de laatste drie erin gezet. Om heel eerlijk te zijn: ik vond het zetten van poeren geen leuke klus!

Stap 2: palen zetten

Dan is het tijd voor (wel) een leuke klus. Eentje met zichtbaar resultaat. Tien palen van 2,25m hoog en 15×15 centimeter dik. Elke paal sleep ik een meter of 75 naar achter. Want de schuur staat achter in de tuin en al het hout ligt op de oprit. Jottem. Voor elke paal is het nodig een bevestigingsplaatje te monteren en eenmaal gemonteerd draai je de paal zo op het draadijzer dat in de poer is gedraaid. Met een laser zorgen we ervoor dat elke paal precies op dezelfde hoogte staat. Best een leuke klus. Vervolgens is het belangrijk om de palen te ‘stellen’ en vast te zetten met tijdelijke schoren, zodat ze waterpas staan en stevig staan voor de verdere opbouw. Hier op de Slek waait het nogal eens hard en ik wil er zeker van zijn dat na een zaterdagavondstorm ik de houten constructie niet zondagmorgen moet opvegen van de grond. We hebben de gang er goed in en binnen een paar uur staan alle palen op hun plek. Leuk om van een afstand te zien hoe de contouren verrijzen. 

Stap 3: dwarsbalken erop

Je hebt balken van 2,96 meter, van 3,05 meter, van 3,35 en nog een maatje groter. Bijna 4 meter. En die laatste hebben we nu nodig – denken we tenminste, want de handleiding van deze gigantische schuur mist. De langste gaan er in de breedte op en die steunen op de palen. Het is even goed meten om te bepalen waar de gaten geboord moeten worden. Twee per kant die voorgeboord worden, daarna de balk erop en vastzetten met dikke pennen die met de slagschroevendraaier worden vastgezet. Het zijn er 10 in totaal waar tussen de schoren worden gezet voor de stabiliteit.

Stap 4: de dakconstructie

Het is een zadeldakschuur en de tijd is aangebroken om aan het dak te beginnen. Dat is wel even puzzelen, want we komen net niet uit met de balken voor het schuine deel van het dak. Uiteindelijk komt dat goed – waarbij deze balken tegen een opstaande korte balk worden gemonteerd die precies in het midden van de dwarsbalken worden vastgezet. Deze constructie van het dak blijf je straks binnenin de schuur zien, dus werk secuur en zorg ook dat alle schroeven op dezelfde plek zitten. Dat is namelijk wel zo mooi. Het resultaat is dat de vorm van de schuur begint te komen.

Stap 5: verbinden van het dak

Nu is het tijd de dragende balken van het dak te monteren. Dit zijn dikke douglas balken van ongeveer drie meter lang die over de lengte van het dak worden gemonteerd. Het monteren is niet moeilijk, maar vraagt wel even wat  precisie om ze precies goed vast te zetten. Op deze balken komen uiteindelijk de houten osb-platen van het dak. 

Stap 6: stapelblokken 

Om houtrot te voorkomen is het handig om stapelblokken te leggen tussen de betonpoeren in. We hebben dit gezien bij online voorbeelden van schuren en huisjes. Ik gebruik 15x15x60 stapelblokken en haal een eerste vracht bij de Hornbach. Eigenlijk zou ik al wel een eigen parkeerplaats mogen hebben daar. Maar goed. Graaf een geul, tik eventueel met de klopboor wat beton eruit waar de poeren mee vast zitten en leg de bandjes in een mooie rij. Het past net niet dus ik zaag de laatste op maat. Kijk goed dat je overal dezelfde hoogte aanhoudt en dat ze (uiteraard) waterpas liggen. Ik vind dit niet zo’n leuk werk en begin met drie delen van het huisje. Daarna volgt de rest. Als ik de achterkant dicht heb, kom ik er achter dat ik toch beter iets smallere blokken had kunnen gebruiken. Het is voor de waterdichtheid het beste dat er geen water ‘op’ de bovenkant van het blok kan vallen, want dan bestaat de kans dat dit naar binnen spoelt. Dus uiteindelijk stap ik over naar 10x15x60 blokken. 

Stap 7: frame maken en Zweeds rabat schroeven

Nu komt een leuk deel! De stapelblokken plaatsen vond ik geen leuk werk, maar het is nodig. Het leuke is om daarna een frame te maken waar uiteindelijk het zwarte Zweeds rabat tegen wordt bevestigd. We kiezen voor een traditioneel uiterlijk van deze schuur. Die past mooi in onze tuin met kippen, veel gras, een grote moestuin, castle grind en veel witte hortensia’s. Het maken van het frame is niet zo moeilijk. Ik heb er geïmpregneerd grenen voor gekocht en dan balken van 7×5 in verschillende lengtes. Als eerste leg je een balk op de rij bandjes en die zaag je op maat met de afkortzaag. Ik maak een frame dat bestaat uit vier staande balken, zodat je het rabat op uiteindelijk zes plekken wordt geschroefd. De twee buitenste balken en dan nog vier verticaal in het frame. Als je het huisje uiteindelijk wil isoleren is het handig te kijken welke maat je isolatie heeft. Daar kun je dan rekening mee houden. Ik maak gelijke delen en die zijn zo’n 60cm breed. Je schroeft het frame aan beide kanten in de dragende balken van de constructie, boven in de balk die er is en verankert ze met speciale schroeven in de stapelblokken. Laat de afkortzaag maar lekker z’n werk doen. Het Zweeds rabat zaag ik op allemaal dezelfde lengte. Hou rekening dat je aan beide kanten zo’n 5mm speling hebt.  En dan: schroeven naar. Kijk steeds goed of de nieuwe plank goed aansluit op de tand van de vorige plank én check of de lijnen kloppen met de rabatdelen in het deel dat je al hebt geschroefd. Vergeet trouwens niet zwarte schroeven te gebruiken die ook voor buiten geschikt zijn. 

Stap 8: ramen en kozijn plaatsen

Online heb ik twee geweldige ramen gekocht. Van ijzer, zwart gespoten, met glas erin waarbij je de onderkant open kunt zetten. Het is belangrijk dat je deze kozijnen laat rusten op een frame. Bepaal als eerste op welke hoogte het raam moet beginnen. Wij houden 120cm aan en plaatsen het raam volledig in het midden van een compartiment. Als het frame gemaakt is, maak je een stelkozijn. Goed meten, want het raam moet hier in passen. Compleet met ietwat aflopende vensterbank. Voor het inzetten van het raam komt er tape omheen die uit zichzelf uitzet en een kier (mocht die er zijn) dicht maakt. Het resultaat is geweldig en nadat mijn schoonvader het ene raam heeft geplaatst maak ik zelf het tweede.

Dan hebben we verder nog een tweedehands dubbele deur op de kop getikt inclusief kozijn. Opgepikt bij een bouwbedrijfje in Sittard en eenmaal thuisgekomen wat schoongemaakt, geschuurd, een dorpel vervangen (die was rot) om vervolgens het kozijn te stellen in een houten frame. Goed opletten dat dit volledig waterpas staat, scharnieren erin schroeven en vervolgens de deuren afhangen. En die hangen geweldig. Alleen is de driepuntsluiting kapot, dus daar moet nog een nieuwe in. Maar dat heeft geen haast op dit moment.

Stap 9: dakplaten van osb

Ik heb een hele pallet aan rabatdelen gekocht om het dak af te timmeren, maar kies er toch voor om er osb-platen tegenaan te schroeven. Die koop ik bij de Hornbach – handig om vooraf te bestellen en dan geleverd te krijgen bij de aanhanger. Easy peasy pepsi. Het is een kwestie van goed uitlijnen en dan de eerste platen schroeven. Belangrijk is dat de eerste plaat goed haaks ligt, want over een daklengte van ongeveer 12,5 meter kan elke centimeter tegen het einde tientallen centimeters zijn. Het leggen van de platen gaat vrij gemakkelijk. 

Stap 10: folie op het dak

Ook nu is het tijd om dampopen folie op de osb-dakplaten te bevestigen. Qua folie is dit dezelfde als tegen de muren zit. Ik ons geval is dit de Polytex waterkerende damp-open spinvliesfolie. Uitrollen maar en vervolgens vastzetten met van die speciale tape. Die is ontzettend duur, maar wel super belangrijk. 

Stap 11: dakpanplaten erop

We kiezen ervoor om stalen, abtracieten dakpanplaten op te dak te monteren. Die zie je best veel als je een rondje rijdt of fietst, zijn gemakkelijk om te verwerken en zien er gewoon mooi uit. Ik bestel ze online bij Van Viegen – goede leverancier en je kunt alle dingen die je ook nodig hebt bijbestellen, zoals de speciale schroeven, windveren en nokvorsten. De levering gaat voorspoedig en Lea en ik slepen ze op een avond allemaal naar de schuur toe. Dat is best een eindje de tuin in en de bolderkar van de kinderen komt goed van pas. Voordat ze bevestigd worden is het belangrijk verticale regels te schroeven waar vervolgens de panlatten horizontaal op komen. Kijk goed naar de afstand tussen beide, want dat is afhankelijk van je dakpannen of platen. In ons geval is de tussen afstand steeds 30 centimeter. Check ook voordat je de panlatten monteert of ze ‘waterpas’ omdat lopen of dat je hier en daar nog iets moet opvullen om ze gelijkmatig af te laten lopen. Anders zie je na het monteren van de dakpanplaten dat deze kuilen en bobbels hebben en dat is niet de bedoeling. Het monteren van de platen is nog een behoorlijke klus, goed opletten en netjes schroeven. De nokvorsten zijn hier en daar nog een goede uitdaging om te zorgen dat er geen water onder kan komen. Bij nader inzien was het beter geweest ze hier en daar iets hoger tegen de bok aan te bevestigen. Want de schuur is van hout en die is niet overal even recht. 

Stap 12: goten hangen 

Nu komt een klus dat in feite ook later kan. Namelijk de dakgoten ophangen. In ons geval kiezen we voor grijze, kunststoffen goten van de Hornbach. We hebben behoorlijk wat meters nodig, dus de kar is aardig volgeladen met beugels, verbindingsstukken en de goten zelf. Let er bij het ophangen van de goten voor dat de beugels dezelfde afstand kennen. Ik kies ervoor de 4 meter lange goten te zagen, zodat ze precies voor een compartiment van de schuur hangen. Laat de regen maar komen! 

Stap 13: vloer erin

We willen in deze schuur een goede vloer hebben. Vanalles gaat door ons hoofd: tegels leggen, halfverharding, maar onze voorkeur heeft het om een laag beton te storten. Nu heb ik eens berekend hoeveel zakken cementbeton nodig zijn voor de oppervlakte die we hebben (circa 40 m2), maar om dit ‘met de hand’ te doen willen we niet. Dus komt er een betonwagen en wat mannetjes die ons een betonnen vloer van ongeveer 8 centimeter storten. Overigens handig omdat tegelijkertijd een fundering voor een huisje achter ons woonhuis wordt gemaakt. Qua stoten is het gemakkelijk. We maken de ondergrond egaal, ontdoen deze van planten, leggen er bouwfolie in (van 200 micron) en daar gaat het beton overheen. Voordat dit gebeurt trek ik nog een grondkabel vanuit de achterkant van de schuur naar de plek naast de deur waar ik straks de lichtschakelaar wil plaatsen. Dan heb je in elk geval al een net weggewerkte voedingskabel. Het storten gebeurt als ik op kantoor ben en eenmaal thuis bekijk ik het resultaat: mooi. Het is warm buiten (25 graden) en het vloertje moet elk halfuur nat gesproeid worden om grote scheuren te voorkomen. Na ongeveer twee weken is het helemaal uitgehard. Dan pas kun je ook het beste de overtollige folie aan de zijkanten helemaal wegsnijden.

Stap 14:  elektra erin

Een klus die ik nog niet eerder heb gedaan: werken met stroom. Nu heb ik wel vaker een lamp opgehangen, maar draden getrokken, verdeelpunten gemaakt, schakelaars geplaatst en stopcontacten gemaakt heb ik nog niet eerder gedaan. Een goede vriend uit de straat haalt me over, want hij heeft dit vaker gedaan en zegt dat het niet moeilijk is. En het blijkt ook allemaal aardig mee te vallen. In onze schuur komen twee lichtschakelaars: eentje waarmee de lampen in de nok bediend worden en de ander voor een lamp in de nok buiten onder de overkapping. De rest zijn allemaal stopcontacten: 2×2 aan de lange zijde aan de achterkant en aan de kant van de deuren en ramen nog eens 2×3. Zoals gezegd komt de stroomkabel van buiten naar binnen en heb ik die via een leiding tegen de wand waar de lichtschakelaars komen geplaatst. Vanuit hier maak ik eerst een verdeelpint met een lasdoos en ‘splits’ zo als het ware die binnenkomende stroom. Dat doe je met wago’s (rood). Bruin bij bruin, blauw bij blauw en groen/geel bij groen/geel. Vanuit de inkomende stroom gaat een kabel naar de stopcontacten aan de overzijde, eentje naar de stopcontacten aan de voorkant, en eentje naar de lichtpunten. Dus wago’s met vier ingangen. 

Hieronder een paar dingen die wellicht interessant zijn.

Grondkabel. Voor de stroom vanaf mijn woonhuis naar de schuur moet ik ongeveer 80 meter overbruggen. Ik heb hiervoor een gewapende kabel gekocht bij de Hornbach, met twee aders waarbij de wapening automatisch de aarde is. Beste prijs tegen wat nodig is, zeker omdat er behoorlijk wat meters mee gemoeid zijn. Kosten: 238 euro voor 100 meter.

Schakelmateriaal. Hiervoor heb ik wit materiaal gekocht van het merk Jung. Dit hebben ze bij de Hornbach en is goed aan de prijs. Gekozen voor inbouwmateriaal en geen opbouw. De schuur is namelijk waterdicht en geïsoleerd (muren) dus dit moet kunnen lijkt me en ziet het mooiste uit.

Type kabels. Voor de bedrading vanuit de voeding naar de stopcontacten heb ik drie-aderige buitenkabel gekozen. Er staat namelijk permanent stroom op deze kabels. Ze zijn wat stug in gebruik, maar goed bewerkbaar. Voor aansluitingen heb je rode wago’s nodig. Voor de bedrading naar de lichtpunten toe heb ik drie-aderige binnenkabel gebruikt (ook wel huishoudkabel genoemd). Deze is soepel in gebruik en er staat alleen stroom op de draad als je de schakelaar aan hebt staan. Hiervoor gebruik je oranje wago’s (met zo’n klein klemmetje).

Stopcontacten. Kijk even naar de fabrikant en type hoe je deze precies aan sluit. Soms is het handig om de stopcontacten ‘op de kop’ in de muurdoos te plaatsen omdat de voeding van de bovenkant komt en je zo voorkomt dat de draden een hele hoek moeten maken terwijl er al weinig ruimte is in de wanddoos. Je sluit op één stopcontact (meestal meest rechtse of linkse) de voeding aan en ‘lust’ daarna door naar het stopcontact ernaast, en vanuit die weer naar een stopcontact daarnaast als je dat hebt. In de stopcontacten zelf kun je de draden makkelijk installeren, dus je hoeft niet met wago’s te werken.

Lichtpunten. Ik heb ervoor gekozen drie mooie led-armaturen in de schuur te hangen die aaneen gekoppeld zijn en dus alle drie tegelijk werken met één schakelaar. Vanuit de schakelaar gaat de bruine draad (fasedraad) naar het eerste lichtpunt toe en komt de voeding (bruin, fasedraad) er ook in. De nuldraad (blauw) en aarde (groen/geel) verbind je met wago’s aan elkaar. Ik heb de huishoudkabel netjes vastgetimmerd met van die kleine krammetjes waar je draad mee vastzet, en op een manier dat ze uit het zicht zijn. Daar waar de draad in het zicht is heb ik deze in een dunne antraciete electriciteitsbuis gedaan – dus ook tussen de lichtpunten in de nok van het dak. Qua armaturen heb ik drie stuks gekocht: Humid One van Brumberg en dan 149 breed. Ze geven een mooi warm licht, zijn lichtgewicht, zuinig, vochtbestendig en kosten nog geen 50 euro per stuk. Ik heb deze met kettingen aan het plafondgehangen. Ze hangen daardoor wat ‘lager’ in de schuur en dat vonden we mooi. 

Stap 15: aftimmeren binnenkant

Nu is het tijd om de muren aan de binnenkant af te timmeren. Dat gebeurt met osb-platen. Een handig formaat om mee te werken is 2440×590 en dan 18 dik. Dat is een goede dikte die voor robuuste muren zorgt. Ik begin aan de bovenkant, zodat de muren maximaal de dakrand raken en je dus een dicht geheel krijgt. Ik krijg op zondag wat hulp en maak de rest zelf af. Eigenlijk is het een combinatie tussen het aanleggen van de stroom en lichtpunten en dichtmaken van de muren. De invalzaag komt goed van pas, net als de gatenboor waar de stopcontacten en lichtschakelaars komen. Dat is wel even goed uitmeten met de laser. Het aftimmeren gaat goed, maar het is een behoorlijke oppervlakte. Ik gebruik denk ik zo’n 40 platen die ik in tranches haal bij – jawel – de Hornbach. Nadat de platen erin zitten, worden er dunne latjes gezaagd van een centimeter bij een centimeter. Daarmee timmer ik de muurdelen rondom af, zodat alle naden van de osb rondom netjes zijn afgewerkt. 

Stap 16: aftimmeren boeien

Het dak rust op grote balken, waarbij buitenom het dak ook omlijst is door dikke balken. Als je van onderen naar het dak kijkt, kijk je tegen de osb-dakplaten. Dat is niet alleen niet mooi, maar het is ook niet dicht. Ik heb deze boeien (zo noem ik ze maar even, een andere naam heb ik niet) van onderen afgetimmerd met geïmpregneerde rabatdelen. Hetzelfde heb ik gedaan met het uitstekende dak aan de voor- en achterkant van de schuur, zodat je een afgewerkt geheel krijg. Om de naden nog netjes af te werken heb ik vervolgens zwarte, kunststoffen hoekprofielen van 25×25 mm er tegenaan getimmerd. Dit maakt het allemaal netjes af.

Stap 17: entree en aanplanting buitenom

Tenslotte moet het buiten ook nog netjes gemaakt worden. Ik heb nog wat 60×60 gecoate betontegels liggen die over zijn van het terras en daar leg ik een klein entree van. Eerst buiten graven, dan meten en de bandjes erin en vervolgens de tegels leggen. Verder beslissen we om de schuur een mooie randafwerking te maken van Ekoboard dat we door de hele tuin hebben liggen. Die leggen we organisch aan, vervolgens gaan er nog grindmatten in die we hebben liggen en we storten er zo’n drie bigbags castle grind op. 

Het kostenplaatje

Totaal: €10.750

Constructie: €5.850
Dakplaten en dak: €2.700
Ramen, deuren, binnenwerk: €1.600
Elektra en lampen; €600


Constructie: €5.850
  • Betonpoeren: €150
  • Zadeldak frame: €2.000
  • Balken frame muren: €250
  • Zweeds rabat: €2.000
  • Schroeven: €150
  • Folie en tape (ook dak): €300
  • Betonnen vloer (laten doen): €1.000
Dakplaten en dak: €2.700
  • OSB-platen: €500
  • Dakpanplaten: €1.450
  • EPDM-schroeven: €50
  • Goten: €700
Ramen, deuren, binnenwerk: €1.600
  • Tweedehans kozijn en deur: €200
  • Twee ramen: €900
  • OSB-platen: €450
  • Isolatie (tempex): €50
Elektra en lampen: €600
  • Schakelmateriaal en binnenkabels: €200
  • Grondkabel 100 meter: €250
  • Lampen 3 stuks: €150

Resumé

Het zelf timmeren van een schuur met alles erop en eraan is een leuk, maar ook best groot project. Nog nooit gedaan, maar al met al niet super moeilijk. Het is vooral zaak om de dingen goed uit te zoeken, goed materiaal te gebruiken, rustig te blijven en stap voor stap de schuur op te bouwen. Ook het aanleggen van bijvoorbeeld elektra is een klus die goed te doen is, ook al is het nieuw. Ik ben in januari 2025 begonnen met het grondwerk en de schuur was inclusief aanlegging buitenom in november gereed. Dat is een doorlooptijd van zo’n 10 maanden, waarbij ik wel moet zeggen dat ik het meeste werk heb gedaan in de zomermaanden. Dan is het lekker lang licht en dat zijn simpelweg veel productieve uren in de avond. De maanden dat het donker en koud is, zijn maanden dat het klussen op een laag pitje staat. Al met al leuk om te doen en trots op het eindresultaat. En hopelijk inspireert dit artikel je om zelf aan de slag te gaan.

Vergelijkbare berichten

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *