Rubicon van Bert Appermont

Het werk Rubicon is op verzoek van Fanfare St. Joseph Pey speciaal door Bert Appermont gecomponeerd. Het werk wordt begeleid door een aantal oude instrumenten, zoals de duduk (soort van sopraansax) en wordt ingeleid door een sopraansolo “dona tibi pacem” (geef hem de rust). Rubicon is door de fanfare gespeeld op het LBM Bondsconcours in 2006 in Roermond. Hier werd een eerste prijs met lof der jury behaald – een prachtige prestatie. Ik speelde toen tweede bugel en dit is één van mijn alltime favorites!

De Rubicon is een rivier in noord-Italië die Julius Caesar met zijn leger overstak (49 voor Christus) tegen de wil van de leiders van Rome in, die zijn macht vreesden. Een burgeroorlog volgde tegen rivaal Pompey, waarna Caesar de macht greep als alleenheerser van Rome. “De rubicon oversteken” is daarom een uitdrukking die aangeeft dat je een gevaarlijke, beslissende en onomkeerbare stap neemt. Het werk bestaat uit drie delen die dit belangrijke moment in de geschiedenis belichten. “Meditation” (deel 1) symboliseert Caesars vraag aan de Goden om hulp bij zijn moeilijke keuze. De inleiding is weemoedig en kent bezwerende klanken. In het tweede deel weerklinken trompetten en trombones afwisselend in een statige Romeinse fanfare met dubbelkorige effecten. Deze mondt uit in een martiaal thema waarbij het impressionante leger van Caesar ten strijde trekt tegen dat van rivaal Pompey. De “battle of Pharsalus”. Terwijl het thema van Caesars leger wegsterft, verschijnt Pompey’s thema als een naïeve dans in de 6/8 maat. Zijn leger is zwaar in de meerderheid en denkt de vijand te kunnen overklassen. Opeens kletteren echter trompetten en trombones langs twee kanten van het orkest: Caesars leger rukt op en valt aan. Er volgt een felle confrontatie waarbij de twee thema’s zowel afwisselend als door elkaar worden gespeeld. Door zijn listige krijgstactiek weet Caesar toch deze legendarische slag te winnen: zijn thema weerklinkt steeds luider in trompetten en hoorns tot het geheel uitdooft en overgaat in een soort verzoening van de soldaten van de twee legers. Het weemoedige “dona tibi pacem” uit deel 1 fungeert nu als verzoeningsthema. Caesar is nu dictator van het Nieuwe Romeinse Rijk dat tot op vandaag zijn stempel zal drukken op onze Westerse beschaving. Het derde deel is dan ook een wervelende opeenvolging van dansmuziek (“Dance”) vol Grieks-Romeinse elementen waarin zijn overwinning bezongen en gevierd wordt. Het is bekend dat de Romeinen hun cultuur (kunsten, goden, e.d.) voor een groot deel overnamen van de Grieken. Ik gebruikte daarom een authentiek Grieks thema (het Seikolos lied) op verschillende plaatsen in dit deel (maat 17 in de euphonium, maat 60 in de bassen, maat 68 in de sopraansax) om de muziek van die tijd en de juiste sfeer te suggereren. Na een geleidelijke tempoversnelling in het hele orkest weerklinkt de melodie van het begin nog één keer op grootse wijze, omspeeld door erg virtuoze dansmelodieën. Het werk eindigt met bombastische koperfanfares waarin Caesars thema een laatste maal triomfeert. (bron van de meeste tekst: bertappertmont.be).

Dit vind je misschien ook leuk...

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.